Vertigo

Een duizelingwekkende dosis cinema

26.09.2017

Recensie Kingsman: The Golden Circle

door Chris Craps

Nu 007 al een hele tijd bloedserieus is, kunnen de scheppers van de parodieën zich helemaal laten gaan. De eerste Kingsman-film leek op een Bond-film met Roger Moore, maar dan mét een regisseur. Matthew Vaughn in dit geval, die op tegelijkertijd Blake Edwards en Sam Peckinpah wilde zijn. Het resultaat was best geestig, maf, anarchistisch en provocerend.

De sequel is dat veel minder. The Golden Circle mag dan bij momenten nog sneller voorbij het netvlies razen dan het snelste Bond-avontuur, je krijgt al snel af te rekenen met verveling en vermoeidheid. Krankzinniger dan Moonraker, de film waarin 007 in een ruimteschip schurken om zeep helpt met de hulp van de reus Jaws en een roodharige trezebees, kan een spionagefilm onmogelijk worden. Maar The Golden Circle doet hard zijn best.

Nieuwbakken spion Eggsy (Taron Egerton) overleeft een mega-aanval op de uiterst geheime dienst waarvoor hij werkt en zoekt samen met zijn chef (Mark Strong) steun bij de Amerikaanse versie van de Kingsman-organisatie. Verantwoordelijke voor de vernietiging is de kannibalistische drugskartel-tycoon Poppy (Julianne Moore), een mix van Pascale Naessens, Pablo Escobar, Walt Disney en een McDonald’s-uitbaatster die zich laat bijstaan door bionische kerels en mechanische honden.

Het verhaal lijkt aanvankelijk simpel, maar voor je het goed beseft duiken ook Halle Berry, Channing Tatum, Colin Firth, Jeff Bridges en zelfs Elton John op, die allemaal hun eigen plotlijn hebben en hun nummertje mogen opvoeren. Leuk, denk je dan, maar uiteindelijk lopen ze vooral in de weg.

Bovendien voelt het extreem vergezochte verhaal aan als een uit de hand gelopen remake van het minstens zo geschifte Casino Royale, de ‘originele’ versie met David Niven, Peter Sellers en Woody Allen als respectievelijk James Bond, James Bond en Jimmy Bond: het zou allemaal heel grappig moeten zijn, maar om de een of andere reden lach je niet. Omdat het allemaal te snel gaat, te overdadig overkomt of simpelweg slecht getimed is.

Dat Vaughn en zijn scenariste Jane Goldman wel degelijk iets proberen te vertellen over de war on drugs, gaat volledig verloren in de chaos. Ik moest dan ook constant denken aan die quote van Dirk Bogarde uit een bekende oorlogsfilm: “I think we may be going a bridge too far.”

>>Klap

Matthew Vaughn laat zich helemaal gaan in deze geschifte actiekomediesequel, waarin spion Eggsy het aan de stok krijgt met een drugskartelbazin. Nog waanzinniger dan het eerste luik en in het verlengde van Casino Royale, de maffe Bond-parodie met David Niven.

Regie Matthew Vaughn
Cast Taron Egerton, Colin Firth, Julianne Moore
Speelduur 2u21
Vanaf 27 september in de bioscoop